Jonge boeren overhandigen manifest aan eurocommissaris Phil Hogan

Jonge boeren overhandigen manifest aan eurocommissaris Phil Hogan

Jonge boeren overhandigen manifest aan eurocommissaris Phil Hogan 4032 3024 Esther de Lange

Ter gelegenheid van het bezoek van de Europese Commissaris voor Landbouw, Phil Hogan, aan Nieuw-Namen heeft een groep jonge agrarische ondernemers het ‘Manifest van Saeftinghe’ opgesteld. Bij de, door Esther de Lange georganiseerde bijeenkomst die door Phil Hogan bezocht werd, waren namens het CDA ook Sybrand Buma, Jaco Geurts en Annie Schreijer Pierik aanwezig.

In hun Manifest van Saeftinghe riepen de jonge boeren de eurocommissaris onder andere op om te zorgen voor een hernieuwde waardering voor voedsel en de rol van de boer in de samenleving. Het CDA steunt deze oproep van harte en maakt zich hier al langere tijd sterk voor.

Lees hieronder het volledige manifest:

Manifest van Saeftinghe

29 april 2019, ter gelegenheid van het bezoek van Eurocommissaris Phil Hogan


Wij, de boeren bijeen in Saeftinghe, zorgen voor uw eten. Voor boerennatuur, duurzame energie en een leefbaar platteland. Maar bovenal zorgen we voor mogelijkheden en keuzevrijheid, omdat niemand zich vandaag zorgen hoeft te maken over de beschikbaarheid van het eten van morgen. De aandacht die wij aan uw voedsel geven, geeft u de vrijheid om uw aandacht op andere plekken in de samenleving in te zetten. Wij geloven in deze belangrijke taak en doen ons werk met passie. We zijn ons bewust van de grote verantwoordelijkheid, die hand in hand gaat met werk wat ertoe doet. Wij begrijpen dat het oog van de samenleving op ons gericht is, omdat wij aan het begin staan van elke nieuwe dag. We kijken naar de toekomst, naar de uitdagingen die voor ons liggen, en werken daar gestaag en met nuchter boerenverstand naartoe. Omdat wij geloven dat ons werk belangrijk zal blíjven, dat de rol van de boer er eentje is waar toekomst in zit, en omdat een generatie vooruit denken in ons DNA zit. We staan op de schouders van de generaties voor ons, en steken onze hand uit naar de generaties die na ons komen.

Die nieuwe generatie kan het echter niet alleen. En de huidige generatie trouwens ook niet. Meer monden voeden dan ooit, met minder impact op de leefomgeving dan ooit, is een taak waar we allen de schouders onder moeten zetten. Boer, samenleving en politiek. Wij geloven dat de volgende punten hierin essentieel zijn:

Herwaardering voedsel en rol van de boer in de samenleving
Men kent wel de prijs, maar niet meer de waarde van ons voedsel. De afstand tot voedsel wordt groter, en de verwachtingen over dat voedsel ook. Men kan en mag veel van de Nederlandse boer vragen, maar de consument geeft nog niet altijd terug wat de boer verdient. De boer verdient een eerlijke prijs en maatschappelijke waardering voor de inspanningen die hij of zij verricht. Wij vinden dat de politiek hierin een voorbeeldfunctie heeft, door dit openlijk uit te dragen en initiatieven hiervoor te stimuleren.

Behandel de landbouw als deel van de oplossing van het klimaatvraagstuk
Gewassen binden CO2, dat in tegenstelling tot bebouwde omgeving. Zelfs grasland kan – indien op de juiste manier bewerkt – fungeren als een ‘carbon sink’. Landbouw is dus deel van de oplossing bij het klimaatvraagstuk. Net als bij andere sectoren kan er echter extra hulp nodig zijn om deze stappen te zetten. Bovendien leidt meer maatschappelijke aandacht hiervoor tot meer klimaatoptimisme en waardering voor ons voedsel.

Ondersteuning van innovatie en verduurzaming
Daar waar inspanningen voor maatschappelijke eisen op gebied van duurzaamheid, dierenwelzijn of landschapsonderhoud niet beloond worden vanuit de markt, ligt een rol voor de politiek. Innovatie is nodig om verduurzaming te kunnen uitvoeren bij een groeiende wereldbevolking. De politiek kan dit aanjagen en ondersteunen, ruimte bieden voor pilots, en belemmerende wetgeving aan te passen als die innovatie tegenhoudt.

Versterken van de positie van de boer in de keten
Verduurzaming terugverdienen is niet alleen afhankelijk van de bereidheid van de consument om ervoor te willen betalen, maar ook van de positie van de boer in de keten. Voor een eerlijke prijs legt de boer het nu nog te vaak af tegen grote inkooporganisaties. Bovendien zijn er door mededingingsrecht te weinig mogelijkheden voor boeren om de krachten te bundelen en eigen initiatieven te vermarkten. Ondertussen wordt er ook nog voedsel geïmporteerd die niet voldoet aan de EU-eisen, maar waar de Nederlandse boer wel tegen moet concurreren. Als we als samenleving écht de focus willen verleggen van ‘de goedkoopste’ naar ‘meest volhoudbaar’, dan zal de politiek hierop haar wetgeving moeten aanpassen.

Meer haalbaarheid, betaalbaarheid en realisme in regelgeving
Gezond voedsel, een gezonde aarde en gezonde boerenbedrijven zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Te vaak zien we dat er politiek wordt bedreven op emotie in plaats van feiten. Daarin wordt het gezonde boerenbedrijf te vaak ondergeschikt gemaakt. Uitwerkingen van regelgeving moeten echter haalbaar én betaalbaar zijn. Wetgeving is nog te vaak fragmentarisch en incoherent, waardoor het moeilijk werkbaar is en/of haar doelen niet bereikt. Wij pleiten voor meer samenhang in wetgeving, en sturen aan op doelen in plaats van middelen. Een snelle erkenning van kunstmest-vervangers is daar een belangrijk voorbeeld van.

Zie het strategisch belang van voldoende landbouwgrond onder ogen
Wereldwijd worden gronden door klimaatverandering minder geschikt voor landbouw, terwijl grote delen van Europa juist zeer geschikt blijven voor voedselproductie. Net als de energiesector, telecommunicatie en transportverbindingen die de ‘kritieke infrastructuur’ van een land en van de EU vormen, is ook de beschikbaarheid en het bezit van voldoende landbouwgrond van groot strategisch belang voor Nederland en Europa. Het wordt tijd dat de overheid dat onder ogen ziet en inzet pleegt op het behoud van voldoende landbouwgrond. Waardevolle landbouwgrond hoort niet te worden ingezet voor andere doeleinden als daarvoor alternatieve locaties beschikbaar zijn. Neem het voorbeeld van zonneparken terwijl er nog voldoende ruimte is voor zonnepanelen op daken.

Jonge generatie moet boerenbedrijven voort kunnen zetten
Gezond voedsel wordt geproduceerd op gezonde boerenbedrijven, met toekomstperspectief en bestaansrecht. Het is cruciaal om boerengezinnen in staat te stellen om familiebedrijven over te dragen aan de volgende generatie, maar ook om nieuw elan te laten instromen. Bij de jonge generatie boeren zit het grootste veranderpotentieel, maar tegelijk zijn ze ook vaak het zwaarst gefinancierd. Dit belemmert jonge boeren in de keuzes die ze op hun bedrijf kunnen maken. Gunstige startersleningen en het verruimen van ondersteuning van innovaties voor jonge boeren kan helpen deze kloof te overbruggen.

print
Avatar

Esther de Lange

Esther de Lange is vanaf 23 april 2007 lid van het Europees Parlement voor het CDA. Momenteel is Esther lid van de Economische- en Monetaire zaken commissie (ECON), de commissie voor Industrie, Technologie en Onderzoek (ITRE), de Bijzondere commissie ‘Fiscale rulings en andere maatregelen van vergelijkbare aard of met vergelijkbaar effect’ (TAXE) en neemt zij voor het CDA Europa de zaken waar in de commissie Buitenlandse Zaken (AFET). Sinds 2014 is zij delegatieleider van het CDA in het Europees Parlement. Daarnaast is Esther vicepresident van de christendemocratische EVP-Fractie, waar ook het CDU en CSU uit Duitsland, de Franse LR en de Spaanse Partido Popular deel van uit maken. In het Europees Parlement is zij namens het CDA contactpersoon voor de provincies Utrecht, Flevoland en Friesland.

Alle artikelen door: Esther de Lange