Esther de Lange vraagt aandacht voor christenen in debat over Turkije

Vandaag werd er in het Europees Parlement gedebatteerd over het jaarlijkse voortgangsrapport voor kandidaat lidstaat Turkije. Morgen zal er over het rapport worden gestemd. Esther de Lange, delegatieleider van het CDA in het Europees Parlement, is weliswaar tevreden, maar zet toch een aantal kanttekeningen bij de huidige tekst van het rapport: “We zien geen verbetering in Turkije, we zien het tegenovergestelde.”

De Lange is positief over het noemen van de mogelijkheid tot opschorting van de onderhandelingen. Toch had het rapport wat het CDA betreft nog wat steviger kunnen zijn. Esther de Lange: “Als het aan mij had gelegen waren er niet één, maar twee rode lijnen getrokken. Niet alleen de herinvoering van de doodstraf, maar ook het ongewijzigd doorvoeren van de geplande grondwetswijziging door Ankara, leidt wat mij betreft tot het onmiddellijk beëindigen van de onderhandelingen en de daarbij horende pre-toetredingssteun. Eén ding staat als een paal boven water: we ontkomen er niet aan om een alternatieve vorm van samenwerking te vinden die niet via het lidmaatschap loopt.”

De Europarlementariër wijst in het debat verder op de schrijnende situatie van de Aramese christenen in Turkije. Deze bevolkingsgroep wordt niet als minderheid erkend door de Turkse regering en ook onderwijs in de Aramese taal is verboden. Des te zorgwekkender is dat de Turkse staat onlangs 50 gebouwen van deze Aramese gemeenschap – waaronder kerken en kerkhoven – heeft geconfisqueerd. De Lange luidt dan ook de noodklok en heeft in het debat over Turkije aandacht voor de zaak gevraagd: “Een van de belangrijkste Europese waarden is respect voor minderheden. Deze waarden worden in Turkije met voeten getreden.”