CDA: Blij met nieuwe fase Europese defensiesamenwerking

Tijdens de bijeenkomst van de Ministers van Buitenlandse Zaken vandaag in Brussel heeft Nederland haar deelname toegezegd aan de Permanente Gestructureerde Samenwerking op het gebied van Defensie (PESCO). Esther de Lange is blij met deze nieuwe fase in de Europese defensiesamenwerking.

“We hebben nu in de VS een president die al meermaals twijfel heeft gezaaid over zijn loyaliteit aan artikel 5 uit het NAVO-verdrag, daarnaast wordt Europa steeds vaker geconfronteerd met cyberdreigingen en terreur. Dit soort ontwikkelingen tonen maar weer eens aan dat Europa steeds minder op anderen kan rekenen en zelf meer maatregelen moet nemen die bijdragen aan een efficiëntere en slagvaardigere krijgsmacht. Het in Europees verband aanvliegen van materieelprojecten, het gezamenlijk ontwikkelen van wapensystemen en het afstemmen van logistieke vraagstukken is dan niet alleen logisch, maar vaak ook een stuk goedkoper ” aldus buitenlandwoordvoerder Esther de Lange.

Unanimiteit

Binnen de PESCO structuur kan ook worden besloten over te gaan tot missies of operaties in Europees belang. Hiervoor is een unanieme beslissing nodig. De Lange: “Het mag niet zo zijn dat andere landen gaan over de inzet van onze mannen en vrouwen op missies, en dat is hier ook niet het geval. Nederland behoudt te allen tijde zeggenschap over de inzet van Nederlandse militairen omdat Europese operaties of missies altijd unanieme overeenstemming vereisen”.

Defensie-industrie

Op dit moment is de industriecommissie in het Europees Parlement ook bezig met de oprichting van een industrieel ontwikkelingsprogramma – dat ook Nederlandse bedrijven kan helpen bij de ontwikkeling van projecten. De Lange: “Nederland huisvest verschillende belangrijke spelers uit de defensie-industrie. Mijn inzet in dit dossier is ervoor te zorgen dat ook kleine landen als Nederland een eerlijke kans maken op ondersteuning uit dit fonds”.

*****************************************************************************************************

Meer informatie:

Op 13 november 2017 ondertekenden de ministers van 23 lidstaten een gezamenlijke kennisgeving inzake de permanente gestructureerde samenwerking (PESCO), waarna deze werd overhandigd aan de hoge vertegenwoordiger en de Raad.

De mogelijkheid van een permanente gestructureerde samenwerking op het gebied van veiligheids- en defensiebeleid werd ingevoerd bij het Verdrag van Lissabon. Via deze weg kunnen een aantal lidstaten van de EU nauwer gaan samenwerken op het vlak van veiligheid en defensie. Dit permanent kader voor samenwerking inzake defensie zal de lidstaten die dit willen en kunnen, toelaten om samen defensievermogens te ontwikkelen, in gezamenlijke projecten te investeren, of de operationele paraatheid en bijdrage van hun krijgsmacht op te voeren.
Volgende lidstaten ondertekenden de gezamenlijke kennisgeving: België, Bulgarije, Cyprus, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Italië, Kroatië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Polen, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Spanje, Tsjechië en Zweden. Andere lidstaten kunnen in een later stadium deelnemen.
De gezamenlijke kennisgeving is de eerste formele stap tot oprichting van de PESCO. De kennisgeving bevat:

• de beginselen van de PESCO, waarbij met name wordt benadrukt dat de PESCO een ambitieus, bindend en inclusief Europees rechtskader is voor investeringen in de veiligheid en de defensie van het grondgebied en de burgers van de EU
• de lijst van ambitieuze en meer bindende gezamenlijke afspraken die de lidstaten zijn overeengekomen, waaronder het gestaag opvoeren van het defensiebudget in reële termen om de afgesproken doelstellingen te verwezenlijken
• voorstellen inzake PESCO-governance, met een overkoepelend niveau voor het behoud van de samenhang en de ambitie van de PESCO, aangevuld met specifieke governanceprocedures op projectniveau.

Gezamenlijke kennisgeving door lidstaten aan de hoge vertegenwoordiger en de Raad inzake PESCO

Volgende stappen

De Raad moet nu met versterkte gekwalificeerde meerderheid een besluit tot oprichting van de PESCO aannemen. Dat zou kunnen in de volgende Raad Buitenlandse Zaken (11 december).
Zodra de PESCO is opgericht dienen de deelnemende lidstaten een eerste lijst overeen te komen van projecten die binnen het PESCO-kader moeten worden uitgevoerd. Deze kunnen betrekking hebben op gebieden als opleiding, ontwikkeling van vermogens en operationele paraatheid op het vlak van defensie.

Bron: Raad van de Europese Unie